TRICHOTILLOMANIE

Hoe ontstaat het?

Trichotillomanie behoort eigenlijk niet tot de haarziekten. Het is een ziekelijke neiging om het eigen haar uit de hoofdhuid te trekken. Meestal ligt hieraan een psychiatrische aandoening ten grondslag. Het komt zeven maal vaker voor bij kinderen dan bij volwassenen en twee maal zoveel bij meisjes dan bij jongens. Het is belangrijk om trichotillomanie te onderscheiden van alopecia areata, omdat de verschijnselen heel erg op elkaar kunnen lijken.

Hoe ts trichotillomanie te herkennen?

Kinderen (en soms ook volwassenen) zullen vaak ontkennen dat zij regelmatig aan hun haar zitten. Het kan dan ook lastig zijn de oorzaak te achterhalen. Bij trichotillomanie zijn de grenzen tussen de kale plekken niet scherp begrensd. Er zijn veel korte haren van verschillende lengte te zien en meestal is de huid op deze plaats rood door irritatie. Haarwortels zijn wel aanwezig. De pluktest is normaal, maar het aantal haren in de rustfase (weinig of niet aanwezig) wijkt af van het gewone aantal haren in rustfase. Haarwortels in de rustfase worden niet aangetroffen. Het haarwortelonderzoek bevat vrijwel alleen haarwortels in de groeifase en afwijkende haarwortels.

Is trichotillomanie te behandelen?

Tegen deze aandoening bestaat geen medische behandeling. Bij kinderen verdwijnt het meestal spontaan. Bij volwassenen echter niet. Het beste is deze mensen door te verwijzen naar een specialist zodat alle andere aandoeningen kunnen worden uitgesloten door middel van een haarwortelonder- zoek, bloedonderzoek en eventueel een biopt. Wanneer dit heeft plaatsgevonden en de diagnose trichotillomanie is bevestigd, kan de arts doorverwij- zen naar een psycholoog/psychiater. Ondanks een goede therapie kan soms toch de normale hergroei verstoord zijn.




Bron: Stichting HAARcentrum