GRIEKEN

Minoïsch kapsel De vrouwelijke kapsels in de oude Minoïsch beschaving (Kreta 3000 - 1100 v. Chr.) waren zorgvuldig gekapt en altijd in een stijl die benadrukte dat het haar een van de meest mooie natuurlijke sieraad van het menselijk lichaam was.
Er was een speciaal kapsel voor vnl. priesteressen, met drie staarten, een op de rug en de andere twee aan de zijkant voor de oren.
Dit was als teken van verering van de Grote Moeder (de Godin welke regeert op aarde, hemel en in de onderwereld.)

Minoïsch jongens kapsel Verder droegen de vrouwen lang haar met gedetailleerd gevormde lokken. Dit was waarschijnlijk omdat ze daarmee hun echtelijke status toonde.
Een typische haarstijl voor jongens en mannen was geschoren delen met langere lokken ertussen. Op de foto zijn de geschoren delen blauw gekleurd.

Gedurende de klassieke periode droegen vrouwen hun haar lang, behalve als ze in de rouw waren dan knipte ze hun haar kort. Slaven droegen ook kort haar.
[Grieks kapsel (Corinthië 750-600 v Chr.)] In de klassieke tijd droegen de vrouwen hun haar meestal in een zijscheiding, samengebonden aan de achterkant van het hoofd. Waarna het met linten gevlochten in een hoge knot gedragen werd of in losse vlechten over de schouders.
Getrouwde vrouwen droegen het haar opgestoken en ongetrouwde het haar los. Meisjes droegen hun haar meestal in paardenstaarten of kort.

Spartaanse jongens hadden hun haar kort totdat ze in de puberteit kwamen, dan lieten ze het lang groeien Ze prijsde zichzelf met hun haar, noemde het de beste versiering, en voordat ze als soldaat de strijd in gingen kamde en verzorgde ze het met zorg.
Het schijnt dat Spartaanse vrouwen en mannen hun haren opbonden in een knot boven op het hoofd. Op een later tijdstip raakte dat uit de mode en droegen ze hun haar kort.

De haardracht van Atheners was anders. Zij droegen hun haar als kind lang en knipte het af in de puberteit. Dit gebeurde tijdens een religieus ceremonie. Een toost werd eerst uitgebracht op Hercules en het afgeknipte haar werd opge- [Atheens kapsel] dragen aan een heilige, meestal een riviergod (Choëph).
Maar wanneer ze ouder werden lieten ze hun haar weer groei- en. Dan werd het haar in een soort van knot gerold boven op het hoofd en vastgezet met gouden klemmetjes in de vorm van sprinkhanen. Ook de vrouwen droegen hun haar in deze stijl.

Gedurende de Hellenistische (323-146 v Chr) tijd werd het haar kunstmatig gegolfd en gekruld. Er waren kapsels waarbij het haar met een scheiding en los naar beneden (in golven en krullen) werd gedragen. Maar ook gedraaid in vlechten rond het hoofd of opgebonden met linten boven op het hoofd.

[Grieks kapsel achterkant] [Grieks kapsel voorkant] [Grieks kapsel] [Grieks kapsel los]

Mannen en vrouwen gebruikte spiegels van gepolijst brons en haarkammen. Haar werd gekruld en zorgvuldig in interessant ontworpen stijlen gekapt, op hun plaats gehouden door geparfumeerde was en lotions.
Haarbanden gemaakt van lint of metaal, waren erg populair.
Blond haar was zeldzaam. Grieken bewonderden blond haar en vele probeerde hun haar ook te bleken o.a. met saffraan.

Kapsels waren ook voor de Griekse mannen belangrijk. Eerst droegen ze lang haar met baarden. Daarna hielden ze hun haar kort en gekruld en, als ze geen soldaat waren, droegen baarden die in de loop van de tijd steeds korter werden.

[Grieks kapsel] [Grieks kapsel] [Grieks kapsel] [Grieks kapsel] [Grieks kapsel]

Kapsalons werden populair in het oude Griekenland, en was een belangrijk onderdeel van het sociale leven van de mannen. Men wisselde er politiek en sportnieuws uit en de laatste roddels!
De Grieken hadden al een speciaal snufje om hun haar vorm te geven: een "calamistrum" , een holle stok gemaakt van brons, de voorloper van de krultang.

De Grieken waste hun haar in schoon water en deden er dan olijfolie op. Grieken hielden van geur na een bad, als marjoleinolie op hun voorhoofd en in hun haren gemasseerd werd.
Tussen de wasbeurten in werd het haar vaak gekamd. Deze kam was meestal van hout, ivoor of gegoten van metaal.